Lyme
In mijn dagelijks werk word ik regelmatig geconfronteerd met mensen die de ziekte van Lyme hebben of menen te hebben. Lyme is een groeiend probleem.
Enkele feiten (van www.borreliose.nl)
In 2005 werd volgens het RIVM bij 17 000 patiënten Lyme vastgesteld, dat is 40% meer dan in 2001 en bijna een verdrievoudiging sinds 1994. De meest recente gegevens van het RIVM van 29-3-2010 laten zien dat in 2009 in totaal 22.000 mensen een arts bezochten met een rode kring. De tendens is dus duidelijk stijgend hetgeen zorgwekkend te noemen is.
Omdat precieze incidentiecijfers niet bekend zijn, gaat men er van uit dat dit het topje van de ijsberg is en dat het werkelijke aantal patiënten met een tekenbeet 10 keer hoger is, hetgeen betekent dat jaarlijks ongeveer meer dan 1 miljoen mensen één of meerdere tekenbeten oplopen. Omdat niet alle teken geïnfecteerd zijn met de Borrelia bacterie krijgen ongeveer 300.000 mensen de infectie. Bij slechts 50% van de patiënten is een EM waarneembaar, terwijl dit als een belangrijk diagnostisch criterium voor de ziekte van Lyme wordt gezien.
De ziekte van Lyme is een complexe multisysteem ziekte, die zich manifesteert van een milde tot een ernstige chronische aandoening. De diagnose alsmede de therapeutische beoordeling dient te geschieden op basis van klinische gegevens, daar de bestaande immunologische testen met een sensitiviteit van circa 60% zeer onbetrouwbaar zijn
Lyme is een toenemend en onderschat probleem. De onderschatting hangt samen met de onzekerheden die bestaan m.b.t. Lyme. Aan Lyme kleven namelijk zowel wat betreft de diagnose als wat betreft de behandeling nogal wat onzekerheden. De gangbare serologische tests hebben een zeer matige sensitiviteit waardoor er tot 40% gemist kan worden. Ook als er een serologische bevestiging is van Lyme betekent nog niet dat er werkelijk sprake is van Lyme. De diagnose is lastig en vaak onzeker. Hoe Lyme idealiter behandeld moet worden is evenmin zeker. Er zijn eenvoudigweg onvoldoende wetenschappelijke gegevens. Er zijn wel richtlijnen zoals de CBO en ILADS richtlijnen. Dat geeft enigszins houvast maar biedt ook een schijnzekerheid.
De enige juiste benadering te midden van al deze onzekerheden is de individuele aanpak. Iedere patiënt is anders. Ik kijk naar de waarschijnlijkheid van de diagnose op basis van de gegevens uit het ziekteverhaal, de laboratoriumgegevens, het verloop, de reactie op behandeling (!). Mede daarmee is er een onderscheid mogelijk tussen het Post Borreliose Syndroom en persisterende Lyme. Dat is wezenlijk omdat in het tweede geval mogelijk verdere antibioticakuren wenselijk zijn en in het eerste geval niet. Naast behandeling met antibiotica dient men altijd te zorgen voor een optimaal werkend immuunsysteem. Dat geldt bij vrijwel alle ziekten. Daartoe zijn verschillende methoden mogelijk.